Tweede jaar en verder

Oriënteerde je je in het eerste jaar vooral op het vak, vanaf het tweede jaar ga je steeds meer aan de slag als verpleegkundige. Daarnaast volg je natuurlijk de vakken uit het eerste jaar en bouw je je sociale en verpleegtechnische vaardigheden verder uit.

Tweede jaar

In het tweede jaar komen patiëntencategorieën aan de orde die in je in de propedeuse nog niet uitgebreid behandeld hebt. Je leert van alles over de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) en de maatschappelijke gezondheidszorg (MGZ). En je werkt weer een half jaar in een zorginstelling.

Derde jaar
In het derde jaar leer je ook veel in de praktijk, maar je werkt ook een half jaar aan een onderzoeks- of innovatieopdracht. Daarnaast volg je nog vakken als geneeskunde, verpleegkundige theorie, financiering, organisatie en kwaliteit van zorg.

Comakerships
In het tweede, derde en vierde jaar voer je overal in de gezondheidszorg Comakerships uit: onder andere in het ziekenhuis, de psychiatrie en de thuiszorg. Is er een onderwerp dat jouw bijzondere interesse heeft, bijvoorbeeld de gehandicaptenzorg? Dan heb je halverwege het derde studiejaar de gelegenheid om daar extra Comakerships uit te voeren, zodat je je kennis van het verpleegkundig werk in de gehandicaptenzorg verdiept.  

Afronden van de opleiding
Je sluit de opleiding af met een afstudeeropdracht, ofwel een Comakership op bachelorniveau. Daarin laat je zien dat je alle kennis en vaardigheden beheerst om zelfstandig aan de slag te kunnen. Je voert een opdracht uit voor een instelling, bijvoorbeeld een ziekenhuis of een thuiszorgorganisatie, en je schrijft een scriptie. Daarin koppel je onderzoeksresultaten aan wetenschappelijke literatuur. Je scriptie bespreek je tijdens een eindgesprek, waar vaak ook je opdrachtgever bij zit. Heb je een goed cijfer? Gefeliciteerd! Dan ben je geslaagd en officieel Bachelor of Nursing.